Vertelwandeling 'De wereld van Karel De Wolf'
Met ‘Van de Vrijdagmarkt te Brugge’ (1936) van apotheker & volkskundige Karel De Wolf (1883 – 1948) als uitgangspunt.
Van op het bordes van zijn apotheek in de Zuidzandstraat kijkt Karel De Wolf elke dag uit op het station van Brugge, dat hij ‘valse kunst’ noemt. Maar ook het stationsplein met zijn statige hotels is voor de volkskundige een doorn in het oog. Dit is voor hem hét voorbeeld van hoe Brugge mismeesterd werd: “Vanaf de jaren 1840 tot 1890 heeft het rampzalige Brugge een van de grootste plagen gekend … een vloed van dwazerikken die de passie hadden van af te breken, te dempen en te overwelven.”
Wanneer Karel De Wolf in 1936 “Van de Vrijdagmarkt te Brugge” schrijft is er al 40 jaar sprake van een nieuw station buiten Brugge. Ondertussen is de situatie om en rond West-Brugge door het toenemende treinverkeer onhoudbaar geworden. Wat moeten toeristen daar van denken? Hij fulmineert: “De vreemdeling, die voor de 1e keer in Brugge komt en z’n hoofd buiten de statie steekt, zegt voorzekers in z’n eigen: - Sapperloot! ‘k Ben gefopt! En is dat Brugge? … ’t Is al stijl Plaaster-Bak-Negentiende eeuw!”
Negentig jaar later vertrekken we aan apotheek ‘De Kleine Thems’ voor een wandeling met verteller Frank Slabbynck van het Brugs Vertelcollectief De Op-Lichters. Aan de hand van tientallen foto’s uit de Brugse Beeldbank gaan we op zoek naar de wereld van Karel De Wolf: het station, het ‘Gatje van de Capucientjes’, het slachthuis, de bareel aan de Smedenstraat, de ontelbare herbergen en uiteraard het ‘Brugsch’ volk waarover Karel zo sappig geschreven heeft.