Een fenomenale performance van the best of the beasts, Tom Lanoye

28 september 2026

Dit najaar trekt Tom Lanoye de Lage Landen door met ReinAard — de solo, een avond- vullend verbaal huzarenstuk gebaseerd op ReinAard, zijn bestseller en eigen visie op de vos. Balancerend tussen het verhevene en het banale, het geestige en het wrede, ronkend Nederlands en platvloers Neder- Engels, maar altijd swingend als de neten. Charlotte en Griet van de redactie mochten de voorstelling in de Stadsschouwburg bijwonen.

Ik ben er nog, hoor, gekscheerde Tom Lanoye toen hij zich voor het eerst helemaal links op het podium aan een tafel zette. Als je in de loge links vooraan zat, verdween hij dan inderdaad eventjes uit beeld. Maar lang zou dat niet lang duren, want even nadien stevende hij alweer af op zijn lessenaar in het midden, daarna liep hij naar voor op het podium met zijn boek ReinAard in de hand, of druk gesticulerend als hij een personage speelde. Op een lichtgroen geverfd verhoogje na - waar hij Reinaert achteraan op scène zijn overwinningsspeeches liet afsteken - was het enige opvallende decorelement een lichtjes gehavend, vierkant, groot grijs doek, slordig opgerold. De kleur deed denken aan omgewoelde aarde, of de vacht van een dier. Belangrijker nog: het deed dienst als projectiescherm voor de kunstzinnige tekeningen van de Joodse decorontwerper Lon Landau uit Lanoyes roman De draaischijf – wat als eerbetoon kan tellen.

Met dit sobere decor en een sporadisch streepje muziek dreef deze voorstelling volledig op de talenten van een tomeloos energieke Lanoye. Als acteur trekt hij alle registers open. In de dialogen springt hij met brio van de ene rol in de andere. Nu eens klinkt hij zalvend, dan weer huilerig. Hij verstilt of barst uit in een bulderend lachsalvo, of een briesende tirade. Als schrijver jongleert hij met rijm en ritme, in perfect viervoetige jambes - ‘voor wie kan tellen’, laat hij er lacherig op volgen. Hij voorziet ‘fokking’ Reinaert ook van het nodige Engels.

Lanoye zet in deze voorstelling zowel dieren als mensen te kijk: de opportunistische Bruun, de lafhartige Tibeert die als een ‘volleerde politieker’ de schuld al vooraf op iemand anders afschuift, maar ook de timmerman, alias berenvanger Lamfreit, de seksverslaafde pastoor en zijn Madam Verlockinge, de uitzinnige stoet dorpers… Dat alles dient één doel: de schijn ontmaskeren.

1000055922

En Lanoye zou Lanoye niet zijn als hij ons ook niet regelmatig trakteerde op een sneer naar de Vlaamse aard: waar elders kunnen ze zo goed coméren en klagen en hebben ze… een hongertje? Lanoye doorprikt af en toe ook met zichtbaar plezier de illusie van de vierde wand: hij valt uit zijn rol als hij even de bladzijde kwijt is en realiseert eigenhandig twee kleine coups de théatre.

Maar Lanoye had met deze voorstelling vooral als doel: zijn hoofdpersonage bevrijden van zijn mottige imago. Niks schavuit of schalkse ruiter, Reinaert is een wreedaard, een ‘glorieus en geestig beest’. Klinkt het niet, dan botst het maar! Met trumpiaanse schaamteloosheid ontkent hij zijn wandaden: een feit is maar een feit voor wie erin gelooft! Met sardonisch plezier doet hij zijn tegenstanders in de kuil vallen die hij ze zelf heeft laten graven. Nadien voelt hij zich even geniaal als onaantastbaar: God almighty! I’m a king!

Tijdens de laatste monoloog zien we Reinaert op het doek plots bewegen en uit het beeld wandelen. Het licht gaat uit, het applaus zet aan, maar een onvermoeibare Lanoye springt plots weer het podium op, naar eigen zeggen voor een epiloogje. Wat volgt is inderdaad de rest van het verhaal in vogelvlucht, maar ook nog een verrassende slotmonoloog. Dat wordt een ode aan de vrijheid, een pleidooi voor een nieuw begin. Steeds luider en krachtiger scandeert hij het woord ‘rein’ en zwiert daarbij finaal de inhoud van zijn waterfles in grote geuten voor zich uit.
De staande ovatie kwam niet onverdiend, want een volle twee uur lang hadden we twee entertainers aan het werk gezien, twee ‘best of the beasts’: een podiumbeest en een ‘goddelijk monster’!

1000055923

Wil je hem ook nog eens live aan het werk zien? Dan kan je nog enkele voorstellingen meepikken.

Tekst: Charlotte Hardeman

Foto's: Griet Deconinck