een literair sterk en betekenisvol boek dat overtuigend zichtbaar maakt hoe iemand tegelijk kan functioneren en uiteenvallen
“Zoals ‘het’ schemert, zoals ‘het’ opklaart, zoals ‘het’ dooit en dondert, zo moedert ‘het’ door mij heen, maar zonder mij.”
In Als de dieren volgt Lieselot Mariën een vrouw die, enkele jaren na de geboorte van haar kind, terugkijkt op een ontwrichtende postnatale periode. In losse flarden en stukjes probeert zij grip te krijgen op haar depressie, haar eenzaamheid en het verlies van identiteit dat het moederschap met zich meebracht.
De roman opent met een vervreemdende scène waarin de ik-verteller een andere vrouw in haar keuken ziet staan - een ‘zij’ die moeder lijkt te zijn, terwijl de ‘ik’ op afstand observeert. Deze splitsing zet meteen de toon voor een boek waarin herinnering, reflectie, begrip en zelfaanvaarding centraal staan.
Mariën onderzoekt hoe het moederschap zich verhoudt tot identiteit en autonomie, de gespletenheid tussen lichaam en geest, tussen zorgen voor een ander en zichzelf blijven. Naar de buitenwereld toe bestaat een aanvaardbare moederversie die blijft functioneren en aan sociale normaliteit voldoet, terwijl haar innerlijke ziel worstelt met desoriëntatie en controleverlies.
Door handige spiegeling aan een hele stoet dieren en mythologie houdt de roman het idee van moederschap tegen het licht als sociale norm in plaats van puur instinct. Als een rode draad doorheen het boek loopt de mythe van de godin Inanna, die in zeven fasen in de onderwereld afdaalt. Net zoals Inanna moet het hoofdpersonage zich laag voor laag ontmantelen, tot ze klaar is om terug te keren als een hernieuwd, zichzelf aanvaardend persoon.
Het boek is uitgesproken fragmentarisch opgebouwd en bestaat uit flarden herinnering, observaties, brieven en reflecties. Die structuur weerspiegelt treffend de mentale toestand van de verteller en de gefragmenteerde aard van depressieve herinneringen. Tegelijk zorgt ze ervoor dat de lezer zelden volledig in een doorlopende leeservaring belandt.
Mariëns taal is poëtisch en zintuiglijk, met een sterke nadruk op metaforen. Soms werkt die beeldrijkdom intens en raak; soms neigt ze naar overdaad, waardoor de tekst eerder verstikt dan opent.
Opvallend geslaagd is de vormgeving van de bladspiegel. De wisselende uitlijning en de ruime witmarges maken de innerlijke verscheurdheid van de verteller visueel tastbaar. Bovendien krijg je als lezer zo de nodige ademruimte in dit zwaarbeladen verhaal.
Als de dieren is geen klassieke roman. Mariën kiest voor een niet-lineaire vorm die afwijkt van het traditionele plot. De verwijzingen naar mythologie, literatuur en het dierenrijk zijn functioneel ingezet, wat getuigt van duidelijke literaire ambitie.
Zonder expliciete maatschappijkritiek legt het boek ook de scheve verdeling van zorg en verantwoordelijkheid binnen heteroseksuele relaties bloot. Daarmee positioneert Mariën zich overtuigend binnen een hedendaagse literaire traditie die het moederschap ontdoet van de roze wolk.
Als de dieren is een poëtisch en intens debuut. De fragmentarische vorm vraagt inspanning van de lezer en verhindert een volledige narratieve onderdompeling. Tegelijk blijkt ze essentieel voor wat het boek wil tonen: hoe een depressieve ervaring zich in brokstukken aandient en enkel in flarden kan worden verteld.
Ondanks stilistische momenten van overdaad is dit een literair sterk en betekenisvol boek dat overtuigend zichtbaar maakt hoe iemand tegelijk kan functioneren en uiteenvallen. Een verhaal dat nazindert.
Synopsis
Poëtische vertelling van een vrouw die een postnatale depressie ervaart en daar op reflecteert. Met illustratie in zwart-wit.