Who is who in de titel ...,?
Dit is de derde roman van Jean-Baptiste Andrea die ik in korte tijd heb gelezen. Noem mij dus gerust een fan, want zo blij dat ik deze schrijver ontdekt heb.
Andrea’s hoofdpersonages hebben meestal een uitzonderlijk talent, of dat nu beeldhouwen, fossielen opgraven of, zoals in deze roman, pianospelen is. En ze hebben een droom die hen overeind houdt en die ze onverstoorbaar najagen - ondanks alle narigheid die hen overkomt (en in het verleden overkwam).
Joseph, alias Joe, is een oude man die op alle mogelijke openbare locaties virtuoze Beethovenuitvoeringen ten beste geeft. Waarom hij dat blijft doen, vertelt hij aan een toehoorder. Toen hij vijftien was, verloor hij beide ouders en zijn zusje in een dramatisch ongeval. Als gevolg daarvan belandde hij in een weeshuis in de Franse Pyreneeën. Andrea schetst een bijzonder scherp portret van hoe het leven er in deze katholieke instelling aan toe gaat. Een autoritaire priester zwaait er de plak, geflankeerd door een sadistische concierge en enkele nonnen. Een groep kinderen, waartoe ook de hoofdpersoon behoort, probeert zich te midden van alle machtsmisbruik en de dagelijkse vernederingen staande te houden. Er is kameraadschap - hoewel in peniblele omstandigheden ‘elk voor zich’ het motto is - er is een jongensclub, er zijn ontsnappingspogingen. Door zijn talent voor muziek mag Joe, dik tegen zijn zin, de dochter van een steenrijke donateur pianolessen geven. En laat dát nu net de oorsprong zijn van de droom die de oude pianospeler nog altijd voortdrijft.
De kracht van deze roman zit hem vooral in de indringende beschrijving van de verwrongen geesten van ontspoorde katholieke geestelijken en het lot van de jonge slachtoffers onder hun hoede. Maar er is ook een poëtische noot: het verhaal speelt zich af in 1969, het jaar van de eerste maanlanding, en Joe heeft een imaginair contact met Michael Colllins, het derde bemannningslid van deze missie. Het staaltje muziekgeschiedenis dat we tussendoor geserveerd krijgen (veel grote componisten waren wezen) had voor meer diepgang kunnen zorgen, maar meer dan een leuke voetnoot is het niet geworden.
Synopsis
Een man geeft piano-uitvoeringen op openbare plekken. Hij speelt niet voor geld, maar wacht. Al vijftig jaar wacht hij op een vrouw, de liefde van zijn leven.